Vlaamse hybride bus op waterstof is wereldprimeur
De Lijn rijdt als eerste met nieuwe bus

De Vlaamse busbouwer Van Hooi heeft samen met zes partners de eerste hybride bus op waterstof ter wereld gebouwd. Deze bus stoot geen schadelijke stoffen uit, en is ook zeer stil. Vlaamse ministers Fientje Moerman bracht vandaag een bezoek aan de firma Van Hool. Door dit project te ondersteunen wil de Vlaamse Regering haar voortrekkersrol opnemen op het vlak van technologische vooruitgang en milieuvriendelijk openbaar vervoer.. De Lijn zal de bus een halfjaar leasen en daarna het project evalueren. Vanaf 18 juni zet De Lijn de bus in tussen Lier en Antwerpen.

Geen uitstoot van schadelijke stoffen
De nieuwe brandstofcelbus is een wereldprimeur. Ze is de eerste volwaardige hybride bus (waterstofelektrisch) die remenergie recupereert. Daardoor heeft ze veel minder energie nodig dan de vroegere brandstofcelbussen. Daarnaast heeft ze dezelfde capaciteit (tot 104 reizigers), levert ze dezelfde prestaties en heeft ze dezelfde actieradius (tot 350 km) als een moderne dieselbus. Om dit te bereiken ontwikkelde Van Hooi een 13,2 meter lang voertuig met drie assen. De tweede as is gestuurd.
Dankzij een nuluitstoot is de waterstofbus erg milieuvriendelijk. Omdat er geen verbrandingsproces is, stoot de bus geen schadelijke stoffen uit zoals C02 (broeikaseffect) en NOX (zure regen). Ook van fijn stof is geen sprake. Uit de uitlaat komt alleen een wolkje waterdamp. De bus is ook aanzienlijk stiller dan een moderne dieselbus. Dat komt omdat er geen bewegende mechanische delen zijn in de brandstofcel.
`Economie en ecologie zijn bondgenoten'

Minister Fientie Moerman: `Economie en ecologie zijn elkaars bondgenoten. Ze kunnen niet zonder elkaar: economische ontwikkeling zonder zorg voor het milieu stoot op haar eigen grenzen. Omgekeerd is er zonder economische ontwikkeling onvoldoende draagvlak om milieuproblemen aan te pakken. De beste manier om deze noodzakelijke synergie te doen slagen, is via technologische vooruitgang en innovatie. De waterstofbus van Van Hooi is een typevoorbeeld van deze aanpak: een vooruitstrevend project, een volwaardige en dus economisch rendabele bus zonder C02-uitstoot, goed voor het milieu, en met een groot potentieel aan economische valorisatie op de langere termijn. Als minister van Economie en Innovatie heb ik dan ook mijn steun verleend aan dit project. In september 2004 ontving Van Hooi 380.000 euro vanuit het Instituut voor Wetenschap en Technologie (IWT) via een O&O-bedrijfsproject. In mei 2006 steunde de Vlaamse Regering de opleiding voor de bouw van de waterstofbus met een bedrag van 945.000 euro opleidingssteun.'

`Goed nieuws voor leefbaarheid'
Minister Kathleen Van Brempt: `Met de waterstofbus zetten we een nieuwe stap naar nóg milieuvriendelijker openbaar vervoer. Met roetfilters en bussen op puur plantaardige olie besteedt De Lijn nu al veel aandacht aan de zorg voor het milieu. De waterstoftechnologie kan een wissel op de toekomst zijn voor de vermindering van schadelijke uitlaatgassen. En dat is bijzonder goed nieuws voor de leefbaarheid in de woongebieden en op het vlak van lawaaihinder, want de bus is zeer stil. Dit is dan ook geen vrijblijvend project. Na een evaluatie van deze eerste bus zal ik bekijken hoe de waterstoftechnologie verder ingang kan vinden bij De Lijn.'

De Lijn neemt bus als eerste in gebruik
De Lijn zal als eerste vervoermaatschappij het prototype zes maanden leasen. Vanaf 18 juni wordt de bus ingezet voor reizigersvervoer op lijnenbundel 420 Lier - Broechem - Antwerpen. Vier chauffeurs krijgen een opleiding om met de bus te kunnen rijden. De evaluatie is voor De Lijn en Van Hooi een gelegenheid om de ervaringen van reizigers, chauffeurs en technici te kennen en te analyseren.

Directeur-generaal Ingrid Lieten: `Voor De Lijn is dit experiment een manier om ervaring op te doen met de nieuwe technologie. We zullen ook feedback geven om de technologie nog te verbeteren. Op deze manier zetten we een nieuwe stap naar de opwaardering van het openbaar vervoer. Via de nuluitstoot en met geluidsarme, comfortabele bussen willen we de reizigers ervan overtuigen de auto thuis te laten.'